9 vragen over het Actieplan ‘Werkgeverschap en Goed inlenerschap’
Waarom dit actieplan?
“Internationale medewerkers zijn belangrijk voor ons. De glastuinbouw kan niet zonder. Tegelijkertijd brengt deze groep medewerkers extra uitdagingen met zich mee, zowel als het gaat om werkgeverschap als goed inlenerschap. Samenleving en politiek kijken kritisch naar onze sector en de vele internationale medewerkers die er werken. Met dit actieplan willen we laten zien wat we doen om meer medewerkers zelf in dienst te nemen. Ook laten we zien hoe we uitzendkrachten veilig en gezond willen laten werken tegen de juiste betaling en hoe wij overtredingen op dat gebied willen terugdringen en misstanden willen tegengaan. Dat zijn ook precies de punten die de commissie-Roemer in 2020 aanstipte. Met dit actieplan geven we dus ook uitvoering aan de adviezen van Roemer.”
Wat kan een teler tegenhouden om internationale medewerkers zelf in dienst te nemen?
“De grootste belemmering is huisvesting. Internationale medewerkers komen niet alleen werken, maar moeten ook kunnen wonen in Nederland. Door als ondernemer te investeren in goede huisvesting op je bedrijf dragen we als sector een steentje bij aan het oplossen van de krapte op de woningmarkt.”
Wat betekent ‘goed inlenerschap’ in de praktijk?
“Het is belangrijk dat je uitzendkrachten die bij jou komen werken, goed informeert over hun nieuwe baan. Maak bijvoorbeeld duidelijk hoeveel uur per week er werk voor hen is, wat de werkzaamheden inhouden en hoe ze betaald krijgen. Om veilig te werken is verder een goede instructie nodig. Hoe zorg je daarvoor als medewerkers geen Nederlands en vaak ook maar matig Engels spreken? Denk daar van tevoren over na. Ook moet goed geregeld zijn dat de uitzendkracht de juiste beloning krijgt. Zorg dus dat je de goede informatie over de cao, je bedrijfsregelingen en de loonschaal aan het uitzendbureau geeft. En controleer steekproefsgewijs of uitzendkrachten in lijn met de gemaakte afspraken uitbetaald krijgen.”
Het actieplan besteedt één hoofdstuk aan handhaving. Waarom is dat nodig?
“Het is goed om je te realiseren dat handhaving nodig is. Zo moet de overheid handhaven waar het om de wet- en regelgeving gaat. Gaat het om onze eigen regels — bijvoorbeeld onze eisen dat huisvesting SNF- of AKF-gecertificeerd moet zijn of alle afspraken en regels uit de cao — dan moeten we die als sector zelf handhaven. Dat doen we bijvoorbeeld voor de cao samen met vakbonden. Ook met andere partijen in de keten werken we steeds meer samen. We hebben een gedeeld belang dat er geen misstanden zijn in de tuinbouw.”
Welke rol heeft de ondernemers zelf binnen dit actieplan?
“De hoofdrol. Het actieplan richt zich op zaken die we als sector samen met andere partijen of als brancheorganisatie kunnen doen. Dat zijn echter indirecte acties. De ondernemers zelf zijn werkgever en inlener. Zij staan daarmee direct aan de lat om het werkgeverschap en inlenerschap goed uit te voeren. Als Glastuinbouw Nederland kunnen we alleen maar helpen.”
Is werkgeverschap en goed inlenerschap vooral een kwestie van regels, of juist van mentaliteit?
“Ik denk juist van mentaliteit. Het gaat om meer dan de regels. Als werkgever dien je je medewerkers respectvol te behandelen of, zoals een ondernemer ooit mooi formuleerde, ‘ik ga met mijn uitzendkrachten om op een manier waarop ik vind dat anderen mijn kinderen zouden moeten behandelen’. Zo’n uitspraak brengt het dichtbij en is een mooi moreel kompas voor je handelen.”
Met welke partijen werken we binnen dit actieplan samen?
“Met heel veel partijen. Om een paar belangrijke partijen te noemen: vakbonden om een cao mee af te sluiten en samen op te trekken in de naleving van de cao. De Werkgeverslijn om instrumenten mee te maken en informatie over steeds veranderende regels onder de aandacht van onze ondernemers te brengen. Maar we werken ook samen met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid als het gaat om informatie over wonen en werken in Nederland (Workinnl.nl). Vergeet ten slotte ook arbodienst Stigas en de Nederlandse Arbeidsinspectie niet. Met hen stimuleren we het veilig en gezond werken in de praktijk en controleren we of wet- en regelgeving wordt nageleefd.”
Waar hoopt u dat we over twee of drie jaar staan in de glastuinbouw?
“Ik reken erop dat we samen steeds stapjes vooruitzetten. Ondernemers gaan meer medewerkers zelf in dienst nemen. Dat geeft meer binding met het bedrijf en meer zekerheid voor de medewerker. En uitzendkrachten zullen tegen die tijd veilig en gezond werken tegen zelfde arbeidsvoorwaarden als die voor vaste krachten gelden. Ook hebben al onze internationale medewerkers dan goede huisvesting met een passende prijs. Er zijn minder overtredingen van de wet en misstanden komen niet meer voor. We hebben grote ambities, maar in mijn ogen passen die bij onze visie om 2050 vrijwel volautomatisch te telen. Dat is het doel waar we samen naar op weg zijn en wat dit actieplan dichterbij moet brengen.”