‘De markt bepaalt het teeltareaal en de productiewijze’

Naar aanleiding van het recente PBL-rapport over ‘Grote opgaven in kleine ruimten’ wordt Glastuinbouw Nederland geconfronteerd met vragen over het ruimtebeslag van de glastuinbouwsector in Nederland. Conform de reactie van LTO Nederland hierop vindt Glastuinbouw Nederland het uiterst curieus dat dit rapport wederom aanleiding is om te vragen naar de minimale ruimte die onze sector nodig heeft. “Het ruimtebeslag wordt vooral door de markt ingegeven”, zegt Quincy von Bannisseht, strategisch manager bij Glastuinbouw Nederland.

Als er veel vraag is naar glastuinbouwproducten, neemt de omvang van de sector toe. “Daarnaast zien we dat de sector, ook als het gaat om invulling van het ruimtebeslag, vooral meebeweegt met de markt. De markt bepaalt in hoge mate wat waar wordt geproduceerd en hoe: duurzaam geproduceerd of biologisch, meer kleinverpakte, gesneden of panklare groenten, vers- en plantenboxen, planten mét potjes, diverse samengestelde bossen  bloemen, enzovoort. Dat bepaalt ook de inrichting van glastuinbouwbedrijven”, benadrukt Quincy von Bannisseht.

Concurrentiepositie
Bovendien constateert Glastuinbouw Nederland dat juist in tijden van crisis onze zo goed georganiseerde sector en bundeling in clusters (bijvoorbeeld Greenport-gebieden) meer in trek is. “Op basis van onze concurrentiepositie, het aanbod van onze sector én omdat in het kader van duurzaam telen en beperking van emissies het telen onder ‘bedekte omstandigheden’ juist voordelen biedt, ligt groei van het areaal ‘bedekte teelten’ als tendens voor de hand. Daarnaast zijn meer bedekte teelten ook uit het oogpunt van klimaatadaptatie wellicht wenselijk.”

Veerkracht
Hoeveel hectares er minimaal nodig zijn om een gezonde sector in stand te houden, is volgens Glastuinbouw Nederland lastig te zeggen. “Aan de ene kant heeft de glastuinbouw voldoende veerkracht om daarmee te variëren, aan de andere kant zal de markt - en dan bedoel ik vooral Europa, want dat is immers één markt - altijd leidend zijn. Het gevraagde assortiment aan producten en de omvang daarvan dicteert hoe groot het areaal is. En op dit moment is de huidige 10.000 ha zeker nodig.”

Clusters
Verder benadrukt Glastuinbouw Nederland dat transformatie naar woningbouw of natuur uit economisch oogpunt niet het meest voor de hand liggende scenario is. Gezien de meerwaarde van glastuinbouwgrond en de daarop gevestigde goedlopende bedrijven. “Wij vinden het dan ook zeer teleurstellend dat de discussie over ruimtebeslag van glastuinbouw in Nederland wederom wordt gevoerd vanuit het oogpunt ‘How low can we go’ in plaats vanuit de ambitie ‘How high can we fly’. Het gaat bovendien niet alleen om de productiebedrijven, maar om het cluster als geheel, inclusief handel, toeleveranciers, dienstverleners en kennisinstellingen eromheen. De netwerken binnen regionale clusters kennen hun eigen dynamiek en zijn economisch grotendeels zelfdragend. Zelfs tijdens de crisis zag je nog glastuinbouwontwikkeling binnen de greenports, terwijl dat daarbuiten was gestopt. Dat zegt iets over de economische kracht van zo’n cluster”, aldus de strategisch manager.

Leonie Claessen

Glastuinbouw Nederland - © 2021