Glastuinbouw als voorbeeld op internationale klimaat- en energietoppen in Zuid-Korea en Colombia
Verduurzaming industrie
Een groene industrie is een cruciale pijler om de CO2-uitstoot wereldwijd te verlagen. De VN-klimaatorganisatie (UNFCCC) organiseerde daarom van 20 tot 22 april 2026 een top in Yeosu, Zuid-Korea, om uit te wisselen welke maatregelen hiervoor nodig zijn. Namens de wereldwijde land- en tuinbouw sprak Schevel met VN-landen en de Europese Commissie over de rol die de sector kan spelen in de transitie en wat de sector nodig heeft om te kunnen verduurzamen.
Schevel benadrukte Schevel daarbij het belang van voldoende stroom-, warmte- en CO2-bronnen en -netten op weg naar een klimaatneutrale glastuinbouw in 2040. Niet alleen in de glastuinbouw maar in de hele industrie vormt dat momenteel een groot obstakel voor vergroening. Op de VN-klimaattop in Bakoe (COP29) werd in 2024 door landen besloten deze infrastructuur sneller uit te breiden. Glastuinbouw Nederland heeft zich in Bakoe hardgemaakt voor die afspraak en riep op daad bij het woord te voegen. Kritiek onderdeel hiervan is dat wordt gekeken hoe slim duurzame energie en CO2 tussen sectoren of met de gebouwde omgeving kan worden uitgewisseld. Kassen kunnen in de toekomst met technologie heel goed elektra en warmte opslaan om die tijdens pieken weer aan het net terug te leveren. Tegelijkertijd heeft een klimaatneutrale kas gerecyclede CO2 nodig voor plantenvoeding.
CO2-beprijzing
Daarnaast ging Schevel in op CO2-beprijzing. De glastuinbouw kent als één van de eerste sectoren in Europa een CO2-heffing. Een effectief middel om emissies te verminderen, maar overbeprijzing moet worden voorkomen. Dit dreigt voor de glastuinbouw nu het kabinet de sector wil opnemen in ETS-2 en de bijmengverplichting groen gas. Glastuinbouw Nederland pleit dan ook voor een gerichte, sectorspecifieke CO2-beprijzing waarbij rekening wordt gehouden met de mogelijkheden voor bedrijven om te verduurzamen.
Deze discussie werd van 26 tot 28 april grotendeels voortgezet in Santa Marta, Colombia, waar Colombia en Nederland de eerste conferentie voor het uitfaseren van fossiele brandstoffen organiseerden. Onder voorzitterschap van klimaatminister Stientje van Veldhoven-van der Meer en haar Colombiaanse collega Irene Vélez Torres ging Schevel met het internationale bedrijfsleven en overheden in gesprek over het belang van herziening van de energiebelasting, de beschikbaarheid van en toegang tot duurzame energie en CO2, sectorspecifieke CO2-beprijzing, een circulaire en systeemaanpak, subsidies, en internationale samenwerking om fossiele energie in de industrie uit te faseren zonder concurrentieverlies.
Aan de rand van de top waren er eveneens gesprekken met Kamerleden van GroenLinks-PvdA, CDA en JA21, Europarlementariërs, Eurocommissaris Wopke Hoekstra en vertegenwoordigers van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en de Europese Commissie om de ervaringen en uitdagingen van de Nederlandse glastuinbouw in de energietransitie te delen.